Normaal is de zaterdagochtend lekker rustig ontbijten en dan een flink stuk fietsen. Maar als het met bakken uit lucht komt bij 4 graden, is dat deze ochtend toch te onaantrekkelijk. Dan is het lezen over een mede-fietser die zijn fiets in Italie bestelt en die fietsend weer naar Nederland terugbrengt toch aangenamer. En het doet je weer terug denken aan wat je zelf allemaal gefietst hebt.
Een van mijn belangrijkste fietsprestaties is dat ik sinds 22 augustus 2008 lid ben (zo ergens op pagina 100) van de club van malloten van de Mont Ventoux, net als Ina. Om lid te mogen worden hebben we op 1 dag de Mont Ventoux via drie verschillende routes beklommen. Die dag was onderdeel van onze fietstocht (met bagage) van ons huis naar de Middellandse Zee en daarvan hebben we tijdens de tocht een verslag gemaakt, ook van onze ‘mallotige’ tocht. Het is de enige dag dat we allebei een stuk hebben geschreven, gewoon om te kijken hoe we ieder die bijzondere dag hadden beleefd. Hieronder volgen die beschrijvingen, ik vind het leuk om ze terug te lezen en misschien inspireert het iemand om ook nog eens een uitdaging op te zoeken.
Verslag Eric.
22-8-2008 Bédoin –134 km, 4563m↑ 4506m↓ 1909m max
Le Mont Ventoux, Le Géant du Provence, en dat 3 keer vanaf verschillende startpunten! Ontzettend slecht geslapen omdat de buren juist vandaag een feestje met gasten hebben en heel hard praten. Weinig slaap en veel stress dus. Toch om 5 uur in het donker opstaan en met lampjes op het hoofd ontbijt. Hard werken is dat, ontbijten op zo’n tijdstip. Nog even langs de bakker om de eerste stempel te halen en dan zijn we samen op weg. De eerste 3 km nog rustig omhoog tussen de wijngaarden waar de warmte van gisteren nog hangt. Het wordt langzaam licht als we apart door het bos over de steile stukken gaan naar Chalet Reynard. Best pittig, maar het lukt me goed. Ina had wat meer moeite omdat ze zich had vergist in de afstand en 3 km eerder al dacht dat ze bij het Chalet Reynard zou zijn. Dat maakt het in de gedachten heel zwaar. Gelukkig valt daardoor het ‘maanlandschap’ met maar 7% erg mee. Daar vliegen we allebei tegenop. Vanaf de top zie ik Ina fietsen bij het monument voor Tom Simpson. Ik ben volgens mij de eerste die vandaag bovenkomt en alles is nog dicht. Dan maar bij de volgende doortocht stempelen. Gauw naar beneden want 14o is niet warm. Het eerste stuk van de afdaling blijkt nogal eng te zijn dus gaat het niet zo hard. Na Mont Serein gaat het beter en haal ik toch nog 65 km/u. In Malaucene bij beide fietsenmakers gevraagd of ze Campagnolo schoenplaatjes hadden. Ze hadden gelukkig wel een stempel en nog wat energierepen. De bakker had lekkere Chausson aux Pommes dus vol goede moed de 2e beklimming begonnen. Het is niet zo zonnig, al de hele dag niet, dus gaat het eerste stuk redelijk soepel. Zeker als ik een, jammer genoeg, verkleumde Ina tegen kom. Toch maar doorgefietst en niet even gepraat. Helaas gaat het opeens veel moeilijker en wordt ik continu ingehaald. Ik moet zelfs al veel te vroeg naar mijn zin op het lichtste verzet. Acht km onder de top wordt ik ingehaald door een dame met een fiets in omgekeerde kleuren van mijn fiets (geel met rode letters, de mijne is Amstel-rood met gele letters) en ze rijdt niet zoveel harder. Stiekem een beetje proberen in de buurt te blijven maakt het iets minder zwaar. Bij Mont Serein waaien de eerste wolken over de weg en 2 km onder de top begint het te spetteren. Gelukkig niet te hard en het is weer droog als ik bovenkom. Ging wat beter, het laatste stuk. Ina vertelde dat ze 16 km regen heeft gehad. Het eerste en het laatste stuk droog. Kon ze gelukkig nog wat zien op de top. Omdat het inmiddels 11o is boven, de lucht dreigend, ik alleen een shirt zonder mouwen heb en losse ‘armpjes’ ga ik op zoek naar een extra shirt.
Dat wordt uiteindelijk een rood Mont Ventoux T-shirt. Het ziet er niet uit, maar droge stof op een natte huid voelt zelfs bijna warm. Op naar Sault. Vlak na Chalet Reynard, 8 km van de top en 18 km van Sault begint het keihard te regenen. Gelukkig is de afdaling niet zo steil. Trillend van de kou mag ik gelukkig vlak voor Sault nog een stukje klimmen. Sault hebben ze boven op de berg gelegd, best steil als je er niet echt op rekent. Bij een kop thee probeer ik warm te worden en krijg ik mijn laatste stempel. Nu de laatste beklimming nog. Gelukkig is het droog als ik weer weg ga uit Sault. Even later breekt zelfs de zon door en verdwijnen de meeste wolken. Kunnen het T-shirt en de mouwtjes weer in de rugzakjes van mijn shirt. Dit is de klim die ik 20 jaar geleden op een te kleine Batavus met te zware versnelling heb gereden. Niet zo verbazend dat ik het nu een makkelijke klim vind. En toch doe ik dat, me verbazen. Wat me nog meer verbaasd is dat Ina op 11 km van Sault me tegemoet komt sjeezen. Eerst denk ik dat ze me op komt halen, maar verrassend genoeg wil ze door naar Sault. ‘Het gaat nog zo lekker’. En het is toch maar de ‘watjes’ klim. We spreken af dat we wel zien hoe het loopt en we sjezen allebei door. Letterlijk. De laatste 6 km naar Chalet Reynard zijn bijna vlak en ik kan nog 20 km/u fietsen. Zelfs in de laatste klim. Helaas is het laatste stuk vanaf Chalet Reynard niet zo gemakkelijk als vanochtend. Al na 1 km op het lichtste verzet en worstelen om niet te stoppen. Zo voelde ik me ook op de Galibier vorig jaar. Maar toen moest ik daarna Alpe d’Huez nog op, dat hoort zo in La Marmotte. Nu ben ik er bijna. De laatste haarspeldbocht moet ik nog via de binnenbocht nemen door al die stomme auto’s. Maar nu krijgen ze me niet meer klein. Geslaagd! Dat is ook wat ik naar Ina, Saskia en Nico heb ge-sms-ed. Saskia belde meteen terug. Janken van geluk. Toch maar gauw naar Chalet Reynard. Het is inmiddels wel weer 17o, maar een koude wind. Afdalen gaat niet echt lekker omdat ik denk dat mijn remmen raar reageren. Of zouden het toch de afgronden zijn die me voorzichtig maken? In Chalet Reynard zon in zitten drinken en thee. Om warm te worden. Ina had uit Sault ge-sms-ed dat ze weer vertrok om 15:39. Drie uur erbij betekent 7 uur op de top, als ze net zo langzaam rijdt als ik. Je weet het nooit met Ina. Als ik warm ben rijd ik haar tegemoet. Het is toch bijna vlak. Alles doet Ina pijn, dus ze wil, gelukkig, niet meer naar de top. De afdaling zou wel heel koud worden, zo laat. Weer een kop thee in Chalet Reynard en dan afdalen naar de echte warmte. Prachtige afdaling met ideale bochten. Helaas haal ik net de 70 niet, 69,9. Het laatste stuk vanaf Les Bruns (bestaat echt) fietsen we samen en om 18:23, 11 uur en 58 minuten na vertrek staan we weer op het pleintje van Bédoin. Cliché: moe maar voldaan. Lekker douchen op de camping en dan pas goed voelen hoe moe de benen wel niet zijn. Gelukkig is er ook een route naar het dorp die niet zo steil is om te lopen op weg naar ons welverdiende diner. Op het terras tijdens het eten ook nog eens een straatoptreden van een jazz band. Een perfecte afsluiting van een perfecte dag. Jammer van die pijn in onze knieёn, maar die is morgen wel weer over.
Verslag Ina
Bédoin – Mont Ventoux – Maluacene – Mont Ventoux – Sault – Chalet Reynard – Bédoin. Ha!! Na een nacht met onderbrekingen vanwege feestende buren, gaat om 5 uur de wekker. Vreemd genoeg wel uitgerust, maar zin om te fietsen? Dat niet, weer eens last van pre-prestatie stress. Niet door laten ontmoedigen! Ontbijten in het donker met hoofdlampjes op, het lijkt wel een expeditie. Als we van de camping vertrekken is het nog donker. Het is windstil. Om 6:25 haalt Eric zijn eerste stempel bij de bakker en dan begint de tocht….. Het eerste stuk is tamelijk vlak, meer een vals plat en fietsen we samen. Wanneer de helling steiler wordt splitsen we op, ieder in eigen tempo. Eerst nog wat dorpjes door en hier moet ik al aan het kleinste verzet. Wat moet dat worden vandaag? Bij het begin van “het bos” staat een bord met de mededeling dat de komende 15 km er een stijgingspercentage van 10% is. Dat is 2,5 uur fietsen. Dan ben ik om 9:15 boven…. Eerst maar naar Chalet Reynard. De weg kronkelt door het bos steil omhoog en er is weinig uitzicht. Om kwart voor 8 piept de zon boven de berg uit en heb ik even zicht op het maanlandschap. Indrukwekkend! Bij Chalet Reynard pauzeer ik even om mijn voeten warm te laten worden. Dan verder en ik zie op een bord dat de rest van de weg nog maar 7,2% stijgt. Makkie! Ik kan zelfs af en toe terugschakelen. Het uitzicht is geweldig, volgens mij zie je de halve Provence. Ik ga als een speer naar boven. Alle stress is weg en ik geniet. Een Fransman komt me voorbij en zegt “superbe!”, ik antwoord “Oui!” Goed resultaat van een half jaar Franse conversatieles. Bij de col des Tempête heb ik een “wouw”-moment: daar zie ik de andere helft van de Provence. Op de top zie ik al iemand afdalen richting Malaucene. Eric?
Boven aangekomen feliciteren de Fransman en ik elkaar met de prestatie. Lang blijven is er niet bij, want berekoud. Tijdens de afdaling naar Malaucene wordt het alleen maar kouder. De afdaling is doodeng en steil. Onderweg steeds bordjes met waarschuwingen voor 10-12%. Moet ik daar straks weer tegenop? Ga ik echt nog een 2e keer de berg op? Vlakbij Malaucene kom ik Eric tegen tijdens zijn 2e beklimming. Ziet er goed uit en het gaat lekker. In Malaucene eet ik 2 appelbroodjes bij de bakker en zit een tijdje op het terras om na te denken of ik echt nog een 2e keer die berg op wil. Dat twijfelen is onzin natuurlijk, ik wist ’s ochtends om 5 uur al dat ik voor de 2e keer zou gaan. Dus Hup! Als ik 2 kilometer onderweg ben begint het te regenen. Ik heb er geen last van, en het is wel lekker rustig onderweg. Ik ga als een speer, een hijgende, naar boven. Af en toe kijk ik achterom en zie een bordje met 12%. Dat heb ik dan al gehad! Eitje! Ik haal alleen maar mensen in en wordt niet ingehaald. Eén kilometer onder de top hoor ik een sms-je binnenkomen. Ik denk dat het Eric is die zijn 3e poging heeft gehaald en ik doe er nog een schepje bovenop om hem te kunnen feliciteren. Op de top: geen Eric, hij sms-te vanuit Sault. M’n benen voelen als rubber, maar verder: geweldig! Tijdens de afdaling naar Chalet Reynard overweeg ik de volgende keuzes: 1) verstandige: wachten bij Chalet Reynard tot Eric langskomt, of 2) ook een derde poging wagen. Ik kies voor 2) en daal af naar Sault. Kom Eric weer tegen tijdens de afdaling: ziet er nog steeds prima uit, die man. De afdaling naar Sault is echt Provençaals met overal Lavendelvelden en boerderijen met pannendaken. In Sault eet ik weer wat en dan de 20 km naar Chalet Reynard. Het lijkt gekkenwerk en elk spiertje en botje in mijn lichaam doet pijn. Toch fiets ik nog vrij gemakkelijk omhoog. Ik neem een verstandige beslissing (ja!) en besluit niet naar de top te gaan. Dit met nog een week fietsvakantie en een marathon in het vooruitzicht. Weer een sms-blieb uit m’n tas en ik weet dat Eric nu een echte malloot is! Een paar kilometer voor het Chalet komt hij me tegemoet fietsen. Leuk! Helemaal blij natuurlijk. De afdaling vanaf het Chalet Reynard is geweldig, we rijden de warmte tegemoet over een prachtige weg door het bos.